vorige  |  volgende
bandheidelibel  (Sympetrum pedemontanum)

Fraaie en onmiskenbare libel.

Onderorde

libellen

Familie

korenbouten (Libellulidae)
meer informatie over deze familie »

Kenmerken

28-35 mm. Kleine heidelibel met onmiskenbare vleugeltekening: in de tophelft van iedere vleugel loopt een donkerbruine dwarsband. In Noordwest-Europa komen geen andere libellen voor met een vergelijkbare vleugeltekening. Pterostigma’s groot. De poten zijn geheel zwart. Mannetje: achterlijf elliptisch verbreed; breedste punt ongeveer ter hoogte van segment 7. Uitgekleurde mannetjes krijgen een dieprood achterlijf en rode pterostigma’s. Jonge mannetjes lijken qua lichaamskleur op vrouwtjes. Vrouwtje: achterlijf geel, later bruin. Onderzijde van het achterlijf meestal zwart, vaak in zijaanzicht nog zichtbaar als een zwarte streep. Pterostigma’s opvallend crèmekleurig.

Gelijkende soorten

Onmiskenbare soort. Lijkt afgezien van vleugeltekening het meest op bloedrode heidelibel.

Dit verspreidingsbeeld is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent dus niet per se dat de soort daar niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel zit, maar dat we daar vandaan (nog) geen waarnemingen ontvangen hebben.
  Klik op het kaartje voor een vergroting

Dit vliegtijdendiagram is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting.

Voorkomen

Vrij zeldzaam, maar algemener wordend. In Overijssel inmiddels vrij algemeen.

Habitat

Zwakstromende en stilstaande wateren die volledig in de zon liggen en meestal een goed ontwikkelde, maar open vegetatie hebben. Dit kunnen beekjes zijn, of sloten, kwelmoerassen, plasjes, enz. Er is vrijwel altijd kwelwater aanwezig. De voortplantingsplekken hebben vaak een pionierkarakter: de vegetatie bevindt zich in een vroeg successiestadium en periodes met droogval komen voor.

Vliegtijd en gedrag

Van half juni tot half oktober, met een vliegpiek van eind juli tot begin september. Jonge imago’s vliegen weg van het water en zijn dan meestal te vinden in ruige graslanden, waar ze ondanks hun gebandeerde vleugels verbluffend weinig opvallen. In de ruige vegetatie jagen ze en overnachten ze. Geslachtsrijpe dieren keren terug naar het water, de mannetjes eerder dan de vrouwtjes. De mannetjes vliegen door de oevervegetatie op zoek naar vrouwtjes en gaan daarbij vaak zitten. Ze gedragen zich niet territoriaal. De eitjes worden in vlucht aan het wateroppervlak afgestreken, op plaatsen met veel waterplanten. Aanvankelijk gebeurt dit door het vrouwtje en mannetje samen in tandemhouding, maar al snel gaat het vrouwtje solitair verder.

Levenscyclus

De bandheidelibel heeft een eenjarige levenscyclus en overwintert als ei. De eieren komen in het voorjaar uit, waarna de larven zich snel ontwikkelen. Uitsluipen vindt plaats vanaf half juni tot begin september, met een piek in eind juli en begin augustus. Het uitsluipen gebeurt soms sterk geconcentreerd, waardoor tijdelijk een grote hoeveelheid verse imago’s rond het water aanwezig kan zijn.

Laatste wijziging: 11 mei 2009
Meer over deze soort:
Foto: Meint Mulder
Mannetje
Immenreuth (Duitsland) - 19 augustus 2008
Foto: Kim Huskens
Vrouwtje
Borkel en Schaft - 23 augustus 2008
Foto: Tim Termaat
Tandem
31 juli 2007
Foto: Kim Huskens
Plateaux
 meer foto's »