vorige  |  volgende
donkere waterjuffer  (Coenagrion armatum)

Zeer zeldzame soort die schuil gaat in laagveenmoerassen.

Onderorde

juffers

Familie

waterjuffers (Coenagrionidae)
meer informatie over deze familie »

Kenmerken

31-34 mm. Zeer donker gekleurde waterjuffers met contrasterende lichte delen aan het begin en aan het einde van het achterlijf. Mannetje: enige waterjuffer met geheel donkere achterlijfsegmenten 4, 5 en 6 (bovenaanzicht). Lichte delen op borststuk, begin achterlijf en top achterlijf kunnen blauw zijn, maar hebben vaak een groene zweem. Dit levert een kenmerkende turkooizen kleur op. In het lichtgekleurde segment 9 staat een zwarte, bekervormige figuur. Schouderstrepen ontbreken of zijn sterk gereduceerd. De onderste achterlijfsaanhangselen zijn opvallend lang en breed, met het blote oog goed zichtbaar. Vrouwtje: lichte delen op borststuk, begin achterlijf en top achterlijf zijn lichtblauw tot groen, soms roze. Segment 2 licht met een spitse, vaak ruitvormige zwarte vlek. Segment 8 licht met bekervormige zwarte vlek. Segmenten 4 tot en met 7 geheel donker (bovenaanzicht). Schouderstrepen normaal ontwikkeld.

Gelijkende soorten

Vrouwtje variabele waterjuffer (donkere vorm) en lantaarntje.

Dit verspreidingsbeeld is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent dus niet per se dat de soort daar niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel zit, maar dat we daar vandaan (nog) geen waarnemingen ontvangen hebben.
  Klik op het kaartje voor een vergroting

Dit vliegtijdendiagram is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting.

Voorkomen

Zeer zeldzaam

Habitat

In Nederland enkel in laagveenmoeras. Hier komt de soort voor in verlande petgaten, met een kritische dichtheid van plantenstengels in het water (niet te dicht en niet te open).

Vliegtijd en gedrag

Van eind april tot eind mei. Hoofdvliegtijd zeer kort en sterk afhankelijk van het weer, meestal in de eerste helft van mei. De imago’s vliegen goed verscholen tussen halfopen, in het water staande rietvegetatie. Behalve dat ze tussen de stengels makkelijk over het hoofd zijn te zien, gaan ze schuil tussen een meestal veel grotere groep variabele waterjuffers. Eitjes worden in tandem afgezet op drijvende en ondergedoken planten.

Levenscyclus

De levenscyclus duurt waarschijnlijk een jaar. De larven gaan volgroeid de winter in en sluipen in korte tijd uit in het vroege voorjaar: eind april tot half mei.

Laatste wijziging: 8 februari 2010
Meer over deze soort:
Foto: Theo Muusse
Mannetje
Kalenberg - 8 mei 2007
Foto: Kim Huskens
Vrouwtje
Weerribben - 12 mei 2009
Foto: Jaap Bouwman
 meer foto's »